Auto
  • Gebruikskosten: Jaguar E-Type, de superster
  • Gebruikskosten: Jaguar E-Type, de superster

    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type
    jaguar e-type

    Zelfs Enzo Ferrari gaf ooit toe dat het de mooiste auto ter wereld is. Kost deze oerklassieke droom veel in gebruik? We zoeken het uit.

    In 1961, 56 jaar geleden, stelde Jaguar zijn nieuwe E-Type voor op het salon van Genève. Die sloeg in als een bom. Hij deed denken aan de D-Type, die enkele jaren daarvoor succesvol was in de 24 Uren van Le Mans, en zette betere prestaties neer dan de Ferrari’s en Aston Martins uit die tijd, maar was bijna half zo duur. En ook zijn immense motorkap wist te verleiden… Freud zou er een aardig woordje over kunnen vertellen!

    Koetswerk

    Bij zijn lancering stelde Jaguar twee koetswerkvormen voor: een coupé en een cabriolet. In beide gevallen was er maar plaats voor twee passagiers. Om aan de vraag van zijn klanten te beantwoorden, presenteerde Jaguar vanaf 1966 een 2+2-coupé met verhoogd dak.

    Onder de (lange) kap

    Onder de immense kap huisde een geweldige “XK”-zescilinder-in-lijn met dubbele bovenliggende nokkenassen. Het ging eigenlijk niet om een volledig nieuwe motor voor het merk: die was al sinds… 1948 in gebruik. Het 3,8 liter grote blok beschikte over drie grote SU-carburatoren en ontwikkelde 265 pk. De motor was gekoppeld aan een Moss-vierversnellingsbak met archaïsche bediening.

    In 1964 verhoogde Jaguar de cilinderinhoud naar 4,2 liter, maar het vermogen bleef ongewijzigd. De motor werd wel gekoppeld aan een nieuwe versnellingsbak, die nog steeds vier verzetten telde maar wel sneller en aangenamer reageerde. In 1971 volgde de volledige make-over: de zescilinder werd ingeruild voor een 5,3 liter grote V12 met 272 en vooral een monsterkoppel. Vanaf 1966 werd er een drietrapsautomaat aangeboden.

    Evoluties

    Zoals gewoonlijk zijn de vroegere modellen het mooist. In 1967 moest Jaguar gehoorzamen aan de Amerikaanse wetgeving (de grootste markt voor de Jaguar) en de voorkant van de auto herwerken. De motorkap werd enigszins mismeesterd door gewijzigde koplampen. Dat was de Series “1,5”. Series 2 arriveerde in 1968 en dreef de wijzigingen nog verder door, met een nieuwe grille en grotere achterlichten onder de achterbumper. Met de Series 3 met grote V12 was de metamorfose compleet: breder spoor, vier uitlaatpijpen, en een extra luchtinlaat onder het radiatorrooster.

    Waarop letten?

    In de eerste plaats op het koetswerk. De E-Type maakt gebruik van een ongewone structuur: een monocoque met een buisvormige motorsteun. En dat moet vlekkeloos zijn, want het kost veel geld. Check ook eventuele roestsporen, want dat doet de E-Type zowat overal. Let vooral op de uitlijning van de motorkap: deze eenvoudige ingreep kan je een fortuin kosten.

    In de motoren mag je gerust zijn: de zescilinder is degelijk en de V12 bijna onverwoestbaar. Ze hebben allebei wel de neiging om warm te worden, en dan vooral de twaalfcilinder. De koeling moet dus ook probleemloos zijn. Ook de assen moet je van nabij bekijken: Jaguar investeerde namelijk heel wat in het weggedrag van de E-Type. Vier onafhankelijke wielen met vier dempers achteraan, vier schijfremmen en een sperdifferentieel.

    Onderhoud

    De E-Type is een auto uit de jaren 60 en moet als dusdanig worden onderhouden. Een oliewissel staat dus elke 5.000 kilometer op de agenda, bij de versnellingsbak is dat elke 10.000 kilometer. Smeren moet jaarlijks gebeuren, de rem- en koelingleidingen ook op regelmatige basis. De afstelling van de carburators (3 SU’s voor de zescilinder van de XK en 4 Strombergs voor de V12) moet elke twee jaar gebeuren, net als het checken van de spanning van de distributieketting. Niets onoverkomelijk, maar dit strakke programma moet minutieus worden gevolgd.

    Onderdelen

    Het goede nieuws is dat alles nog beschikbaar is. De Britten zweren bij deze auto en hebben een uitgebreid netwerk van opnieuw geproduceerde onderdelen. Gezien de uitstraling van het merk en het model zijn de prijzen bijna aanvaardbaar, op enkele (grote) details na. De motorkap bijvoorbeeld, die nieuw meer kost dan een XK-ruilmotor. Reken op ongeveer € 12.000! Een standaard ruilmotor kost iets minder dan € 10.000 voor de zescilinder (iets minder nog voor de 4.2) en meer dan € 16.000 voor een V12.

    Voor de rest kost een (inox) uitlaatlijn tussen € 500 en 1.000, een remschijf € 80, een (XK-)radiator € 1.000, drie volledige SU-carburators (XK) € 6.000, twee luchtfilters voor de V12 € 110 en € 700 voor een voorruit (V12).

    Hoeveel?

    Na een plotse opflakkering lijken de prijzen voor E-Types nu terug min of meer stabiel. De Series 1 is de meest gegeerde, en kost iets meer dan € 100.000 voor een model in zeer goede staat. Een vlekkeloos exemplaar kan zelfs bijna € 200.000 kosten. Voor een cabriolet moet je op ongeveer 20% meer rekenen. Een Series 2 is door zijn minder elegante looks ook minder duur: tussen € 40.000 en 100.000, afhankelijk van de staat en het koetswerk – zo is de 2+2 minder duur. Een V12 kost dan weer net ietsje meer. Een 2+2-coupé met automaat is uiteraard minder gewild dan een cabriolet met manuele versnellingsbak.

    Neem in elk geval de tijd om de auto te zoeken die het beste bij je past. Er is immers keuze genoeg: tussen 1961 en 1974 werden er immers bijna 73.000 exemplaren gebouwd.

    Welke kiezen?

    De Series 1 is bestemd voor de puristen die een elegante sportwagen zoeken waar elk detail aan te bewonderen valt. De 3.8 is daarbij sportiever, de 4.2 romiger en soepeler. Die laatste heeft ook een betere versnellingsbak. De V12 werd lange tijd over het hoofd gezien, maar treedt vandaag weer op het voorplan: de motor heeft longinhoud te over en een geweldige klank. Hij boet dan wel weer in aan esthetische finesse en aan rijkarakter.

    Tekst :

    Geef je mening!

    Nieuws & tests