Testrit en dus dit verslag mogelijk gemaakt dankzij
Garage De Rocker
Met de nieuwe 159 presenteert Alfa een Italiaans alternatief voor Duitse ‘klassiekers’ zoals de BMW 3-reeks en de Audi A4. Ten opzichte van zijn voorganger, de 156, is de 159 groter, ruimer, krachtiger én duurder. Of hij dit alles waard is zochten wij uit. We legden namelijk de 159 1.9 JTD M op het zo gevreesde AutoScoops-rooster.
Zoals we reeds schreven is de 159 de opvolger van de uiterst succesvolle 156. Die werd in 1997 geïntroduceerd en direct op handen gedragen door menig autoliefhebber en kenner. Hij zag er namelijk niet alleen goed uit, hij was ook goed. Over de betrouwbaarheid spreken we ons hier niet uit, wel over de rijeigenschappen. De 156 had en heeft namelijk een heel kundige ophanging die heel wat sportieve bestuurders kriebels in de buik bezorgt.
Bovendien zorgde de 156 met zijn meer dan 660.000 verkochte exemplaren bijna in zijn eentje voor de heropstanding van het Italiaanse merk. Of de 159 op een waardige manier overneemt, lees je op het einde van dit verslag.
KOETSWERK: een maatje meer
Toen we ‘onze’ 159 gingen afhalen, viel direct op hoe groot de nieuwe Italiaan geworden is. Wat een grote auto is dit! Zeker als je hem naast een 156 plaatst, zie je duidelijk dat de 159 duidelijk aan de groeihormonen heeft gezeten. Een blik op de technische fiche van de 159 leerde ons dat hij maar liefst 22.5 centimeter langer is geworden. Een logisch rekensommetje en vooral een blik in de Alfa-showroom later leerden ons dat de 159 op het vlak van afmetingen toch wel een beetje in het vaarwater van de 166 komt te liggen.
Enfin genoeg cijfertjes over naar de orde van de dag: het koetswerk van de 159. Je ziet namelijk duidelijk dat de 159 de opvolger is van de 156. Dit keerde tekenden Giugiaro de ranke lijnen van deze Italiaan en we moeten bekennen dat de man weet hoe hij een sportieve en stijlvolle wagen moet tekenen.
Het geheel neemt trekjes over van de 156 en combineert ze met enkele nieuwe en verfijnde details. Wanneer we vooraan beginnen, springt het grote V-vormige radiatorrooster in het oog. Dit keer combineerden de designers het met een stoer kijkende snoet met aparte lichtunits. Heel speciaal en vraagt wel wat gewenning. Of het echt handig is om te poetsen, dat is een andere vraag. De zijkant kenmerkt zich door een ranke lijn die over de gehele zijkant van de berline loopt. Leuk designdetail zijn is het knipperlicht dat dezelfde vorm heeft gekregen als de deurklinken die ook achteraan – in tegenstelling tot bij de 156 - een ‘normaal’ plaatsje hebben gekregen. Achteraan kreeg de 159 grotere lichtblokken mee met aparte ronde lichtjes.
Het koetswerk heeft ook enkele nadelen. Ten eerste is het zicht naar achteren – onder andere door de stijgende gordellijn – niet ideaal. Ten tweede is de draaicirkel een beetje heel veel langs de grote kant.
INTERIEUR: vertrouwd beeld
Binnenin kijkt de bestuurder van deze Italiaanse bolide uit op de ondertussen typische ronde Alfa-klokken. De rest van het dashboard zit “op zijn BMW’s†een beetje naar de bestuurder gedraaid. Bij onze testwagen was dat deel van het dashboard afgewerkt in aluminium. Lekker sportief en heel mooi in combinatie met de zwart lederen zetelbekleding.
In het dashboard vind je – logischerwijs – de radio (die overigens standaard is op elke 159) en de bediening van de automatische klimaatregeling met aparte regeling links en rechts. De bediening van beide systemen verloop intuïtief, de radio/cd-speler is overigens ook te bedienen vanop het prettig in de hand liggende lederen stuurwiel.
Starten doe je - net als bij enkele van de concurrenten - met een doosje. Je stopt het doosje in een docking station en vervolgens duw je op de startknop. Als alles goed gaat, draait de motor van je 159 en ben je klaar voor de rit.
‘Vliegtuigsgewijs’ beschikt de 159 ook nog over enkele opbergvakjes die tegen de hemelwand zijn geplakt. Vreemd genoeg kreeg het knopje voor de kofferklep daar zijn plaats.
Zoals reeds eerder aangehaald beschikte onze 159 over zwart lederen sportstoelen die zichzelf laten manipuleren in alle richtingen. Leuk, maar we moesten toch wel even zoeken voor we de ideale zitpositie hadden gevonden.
Alfa’s zijn steeds echte drivers cars geweest. Vooraan zat en zit je dus steeds goed maar achteraan was het steeds minder aangenaam vertoeven. Bij Alfa viel deze kritiek niet in dovemansoren dus werd de extra ruimte - die men verkreeg nadat men de 159 aan een kuur groeihormonen had onderworpen – deels toevertrouwd aan de achterste passagiers. Gevolg is dat de 159 heel wat meer ruimte biedt aan passagiers dan de 156. Daarmee is de Alfa zeker nog geen ruimtewonder geworden, maar ze zijn wel de goede kant op gegaan.
Zelfde verhaal kan je eigenlijk toepassen op de kofferruimte. Niet echt groot bij de 156, kon het alleen maar beter worden bij de 159. Het aantal beschikbare liters steeg maar is nog steeds niet echt riant te noemen.
MOTOR: dichtgeknepen strot
De 159 beschikt over twee verschillende diesels die – in België - elk te verkrijgen zijn in twee verschillende versies. De eerste JTD levert in normale omstandigheden 120 pk. Om fiscale redenen moet hij er in België vijf inleveren.
De tweede diesel met MultiJet-inspuiting doet het met zestien kleppen en 150 pk. Ook deze motor wordt dankzij de Belgische overheid de strot dichtgeknepen. Resultaat: 136 pk en een plaatsje onder de motorkap van de AutoScoops-159!
Als het goed is mag het gerust ook worden gezegd: het is goed. De motor heeft kracht in overvloed en het vermogen is op elk moment aan te spreken. Enkel wanneer de motor onder 2.000 toeren wordt gehouden, laat de spreekwoordelijke duw in de rug even op zich wachten.
Toch is de 159 niet van de traagste. Hij slaagt er namelijk nog in om net 100 km/u te halen voor de chronometer tien seconden weergeeft. De – in België en Nederland niet zo evidente – topsnelheid ligt een eind boven de 200 km/u. Het leuke aan moderne diesels zoals deze JTD is dat ze schitterende prestaties koppelen aan een laag verbruik. Zo verstookt deze zelfontbrander volgens de constructeur slechts 6.0 liter per honderd kilometer. Maar zoals zo vaak haal je die cijfers pas als je een ei onder je rechtervoet legt. Geef je je 159 graag eens stevig de sporen dan mag je gerust een litertje meer incalculeren.
Dit mechanisch dieselgeheel wordt gekoppeld aan een manuele zesversnellingsbak. De gekozen verhoudingen zijn vrij goed maar het schakelen zelf verloopt volgens ons vrij stroef. Je snijdt niet echt door boter, het geheel voelt een beetje mechanisch of om het met een onomatopee te zeggen ‘klik-klak’ aan.
COMFORT en RIJGEDRAG: Plakbanden
Als er één punt is waar Alfa sinds jaar en dag op uitblinkt dan is het wel rijplezier. De 159 neemt deze fakkel met veel verve over van zijn voorganger de 156. De 159 plakt op de baan en de limieten liggen heel, heel, heel ver. Snel genomen bochten zijn het favoriete terrein van deze Italiaan. Dankzij double wishbone-ophanging vooraan en de multilink-ophanging achteraan stuur je de 159 perfect van de ene bochtencombinatie naar de anderen. Het goed afgestelde stuur communiceert perfect wat de voorwielen op dat moment allemaal uitsteken.
Bovendien wordt de Italiaan nooit oncomfortabel. Het lijkt er dus op alsof Alfa met deze 159 de ideale mix heeft gevonden tussen sportiviteit en comfort. Let wel op, de 159 is zeker geen wagen die alle oneffenheden perfect wegfiltert maar het zeker ook geen bikkelhard afgestelde wagen die de kleinste put keihard doorgeeft naar je ruggengraat.
VEILIGHEID: zeven kussen(s)
In de sprookjeswereld heb je Sneeuwwitje en de zeven dwergen of de wolf en de zeven geitjes. Alfa liet zich inspireren door al deze verhaaltjes en komt op de proppen met de 159 en de zeven airbags waaronder eentje voor de knieën. Voeg daar nog het logische ABS-systeem en het elektronische stabiliteitsprogramma (kortweg ESP) en je hebt een meer dan veilige wagen.
PRIJS: dichter bij de concurrentie
De prijzen van de 159 liggen een stuk hoger dan die van de 156. Daarover is – onder andere op ons forum - trouwens al een hele discussie gevoerd. Ons lijkt de prijsstijging vrij logisch. Zeker als je weet dat de 159 op alle vlakken beter is en scoort dat zijn voorganger.
Aan onze testwagen hing een minimaal prijskaartje van 28.700 euro. Dat is zeker niet weinig maar de hoge prijs wordt wel deels gecompenseerd door de meer dan correcte uitrusting. Comfortsnufjes zoals elektronische airco, radio met cd-speler enzovoort zijn namelijk allemaal standaard.
We vermelden er trouwens nog bij dat het gamma van de 159 start bij 24.800 euro.
De iets hogere aankoopprijs wordt trouwens ook - deels – gecompenseerd door het feit dat de Italianen 3 jaar of 120.000 km gratis onderhoud geven.
BESLUIT: een stevige concurrent
Laat ons duidelijk zijn: de 159 is een steengoede auto die een niet te onderschatten concurrent wordt voor de vaste waarden in dit segment. Of de 159 daarom een kaskraker wordt in het genre van de 156 is niet zeker. Voor sommige mensen speelt imago namelijk een heel grote rol.
Wij waren alvast heel enthousiast over de wegligging, de motor én het design van de Italiaan. Iets minder enthousiast waren we over het zicht naar achteren, het schakelgedrag en de plaatsing van sommige knoppen.
