La vita è Bella
De nieuwe Ypsilon nestelt zich in het druk bevochten B-segment. Hij neemt het hier onder andere op tegen de Nissan Micra, de Renault Clio, de Seat Ibiza en de nieuwe Suzuki Swift.
Lancia behoort tot de Fiat groep en daar waar Fiat zich concentreert op jonge, dynamische budgetvriendelijke modellen en Alfa Romeo het sportieve clienteel naar zich toe moet trekken, heeft Lancia als taak luxueuze en comfortabele modellen te bouwen. Alle drie uiteraard met een eigenzinnige Italiaanse touch.
Eind 2003 op de markt gekomen, moest de Ypsilon Lancia’s verkoopscijfers dringend opkrikken. Vandaag, anno 2005, zien we dat deze Italiaan zich goed van zijn taak kwijt.
Waarom hij goed verkoopt? Tijd om het uit te vissen.
Een dagje testen met de Ypsilon Multijet, in Argento uitvoering.
Motor – Prestaties
De testwagen was voorzien van de populaire 1300 Jtd Multijet motor.
Dit piepklein, en ondertussen welbekend, dieselblokje levert 70 paarden bij 4000 krukasomwentelingen en genereert in deze Ypsilon een maximumkoppel van 180Nm bij 1750 toeren.
In de praktijk blijkt dit voldoende te zijn om de 1.080 kg zware Italiaan vlot door het stadsverkeer te loodsen. Op de Autosnelweg is het eerder ‘net voldoende’.
Deze Ypsilon wordt dan ook het best op zijn koppelcurve gereden: houd hem tussen 1700 en 2500 toeren en je zal niet merken dat een paar extra hengsten onder de motorkap geen overbodige luxe waren geweest.
Qua geluidsproductie is het geheel zeer geslaagd. Bij koudstart hoor je de Multijet (uiteraard) even grommen maar zodra zijn bedrijfstemperatuur bereikt is, doet deze zacht en trillingsvrij zijn ding.
Nog even voor de cijferfetisjisten onder ons: deze Ypsilon spurt in 15.1 seconden naar honderd en de topsnelheid bedraagt 165km/u. Geen uitzonderlijke, doch acceptabele waarden.
Op het eind van de dag wees de boordcomputer een gemiddeld testverbruik van 5.6 liter /100 km aan. Een mooie waarde, zeker gezien het relatief hoge gewicht en de bij wijlen zware rechtervoet.
Lancia geeft een gemiddeld verbruik van 4.6 liter per 100 km op. Dit lijkt me dan ook moeilijk haalbaar, tenzij met een heuse tros heliumbalonnen aan je rechtervoet.
Rijden
Lancia’s kleinste rijdt zoals hij eruit ziet: de wagen heeft een hoog zwaartepunt en de versnellingspook staat op een verhoogde middenconsole. Inderdaad, deze monovolumetrekjes verraden al veel over het rijgedrag. Lancia’s primordiale doelstelling bij het ontwerpen van haar kleinste telg was dan ook Comfort met grote c.
Verwacht je dan ook niet aan een dynamisch sturend kleintje waar je de omloop van Terlaemen onveilig mee kan maken. Integendeel. De ophanging is erg soepel en bij snel bochtenwerk helt de Ypsilon sterk over. Toch heeft dit kleintje, mede dankzij het brede schoeisel (195/55 R15), meer dan voldoende grip.
Het weggedrag is dan ook te omschrijven als veilig onderstuurd, zoals bij de meeste stadsmussen.
De stuurinrichting is voorzien van een elektrische bekrachtiging met twee standen. De gewone stand is onder alle omstandigheden goed. Je voelt als bestuurder goed wat de voortrein te verwerken krijgt. Jammer van de sterke ontdubbeling, waardoor het geheel niet erg direct is. Als tweede bekrachtigingsmodus is er de city stand. Deze wordt geactiveerd door middel van een knopje op de middenconsole. In deze modus is er nauwelijks nog enige weerstand in het stuur. Je kan als het ware met één pink de wagen in de moeilijkst toegankelijke parkeervakken wurmen. Een leuk gadget, maar voorts niet erg nuttig.
Om deze Italiaan tot stilstand te brengen, kan je rekenen op een setje prima stoppers. Vooraan geventileerde schijven, achteraan trommels. Dit stelletje uiteraard geassisteerd door een elektronische remkrachtverdeler en ABS. In de praktijk niets bijzonders te melden op het vlak van kracht, wél aangenaam verrast wat betreft de doseerbaarheid. De feeling met het rempedaal is voor een wagen uit deze klasse zeer goed. Het ABS zal niet gauw interfereren.
De overbrenging beroeren doe je middels de korte, hooggeplaatste pook. De bak telt vijf verzetten en laat zicht boterzacht inleggen. Flitsende schakelacties moet je evenwel niet verwachten, daarvoor zijn de schakelwegen wat te lang.
Wat de spreiding betreft, is de vijfde wat lang gekozen. Ondanks het hoge koppel moet je op de auto(snel)weg geregeld een verzetje lager gaan.
Comfort – Interieur
Zonder twijfel het grootste aandachtspunt bij de ontwikkeling van de Ypsilon was het Comfort van de inzittenden.
Daartoe beschikt deze Transalpijn over een boterzachte ophanging, kwaliteitsvolle stoelen en een piekfijn verzorgde geluiddemping. Dit laatste wist mij al te overtuigen bij de vorige Ypsilon generatie; nu bevestigt ze weer.
Rol- en windgeluiden zijn zeer goed gedempt en de motor is, ondanks de typische dieselroffel, nauwelijks hoorbaar binnenin.
Voorin hebben de inzittenden veel ruimte. De instap is bovendien erg makkelijk dankzij de grote (zware) deuren. Achteraan is het plaatsaanbod acceptabel. De achterbank is, ondanks de aanwezigheid van een (optionele) derde gordel, slechts ontworpen voor twee personen. Instappen vormt ook hier geen probleem, mede door de ver naar voor verschuifbare stoelen (met geheugen). De bagageruimte is minimaal 216 liter groot en kan middels de verschuifbare achterbank vergroot worden tot 290 liter, uiteraard ten koste van de achterpassagiers.
Het dashboard bevat een centrale tellerpartij, gelukkig analoog. Je vindt er ook het schermpje van de boordcomputer terug. De tellers zijn groen verlicht en voorzien van een mooie, crèmekleurige achtergrond. Afleesbaarheid vormde tijdens de test nooit enig probleem.
De afwerking van het interieur, in het verleden soms een hekel punt gebleken, is er enorm op vooruitgegaan. De materiaalkeuze is meestal van een hoog niveau, getuige de zetels, deurklinken, goed aanvoelende drukknoppen en de knappe tellerpartij. Toch zijn de draaiknoppen van de klimaatregeling en het sporadisch zichtbare schroefje (heel) kleine kenmerken uit datzelfde ver verleden. Op de assemblagekwaliteit valt niet veel aan te merken. (nog) Niet op het niveau van een Polo maar zonder meer verzorgd te noemen. Tijdens de test werd er nimmer een kraakje of piepje waargenomen. Tot slot vermeld ik dat de units van richtingaanwijzers en ruitenwissers te ver van de stuurvelg opgesteld staan., kwestie van de wagen op ergonomisch vlak even op de vingers te kunnen tikken.
Uitrusting – Toebehoren
De Ypsilon kan beschikken over zowat alles van een grote.
Hij is er in drie uitrustingsvarianten: Fashion, Argento en Platino
De testwagen was van het Argento type en voorziet zijn/haar eigenaar van onder meer elektrische ruiten, afstandbediende centrale vergrendeling, manuele airco, 4 airbags (2 frontale en 2 windowbags) en een elektrische stuurbekrachtiging met city stand.
De testauto was bovendien nog eens voorzien van het Glamour pack. Eigenlijk een speciale reeks met als extra’s: Hoofdsteunen achteraan, vijfde driepuntsgordel, radio-cd speler, metaalkleur, tweekleurige glamour interieurbekleding en een setje 15 inch lichtmetaal. Dit laatste pakket is eigenlijk een aanrader.
Als je geldbeugel het toelaat kan je deze Italiaan nog geraffineerder maken: lederen of alcantara interieur, bose soudsystem, navigatie, parkeersensoren en zelfs een tweekleurige kleurencombo, B-colore genaamd.
Kostenplaatje
Deze Ypsilon is zeker niet goedkoop. Catalogusprijzen varieren van 11.450€voor de basis 1.2 tot een goede 16.400€ voor de duurste Jtd (met gerobotiseerde versnellingsbak DFN)
De testwagen bevindt zicht ergens middenin. Het gaat hier om een 1300 Jtd Argento – Glamour en verandert voor een goede 13.600€ van eigenaar. Het gaat hier dan ook om een speciale serie (met ingebakken korting). De gewone Argento moet 13.800€ kosten.
Als we kijken naar de concurrentie, zien we dat deze Ypsilon zich dan ook ergens op het midden van de ladder positioneert. Bovendien krijg je er de nodige dosis raffinement en exclusiviteit er gratis bovenop.
Conclusie
Lancia brengt hier een uiterst eigenzinnige, karaktervolle stadsauto op de markt.
De Ypsilon is bestemd voor mensen die graag Comfortabel en rustig rondcruisen.
Sportieve chauffeurs kunnen dan ook best hetzij elders rondneuzen, hetzij wachten op de beloofde Ypsilon Sport.
Feit is dat Lancia’s kleinste een vaak onderschatte, of zelfs onbekende speler is in het felbevochten B-segment. Sta je voor een eventuele aankoop in deze klasse, overweeg dan deze Ypsilon. Wie weet zal hij je kunnen charmeren. Enerzijds door zijn eigenzinnige uiterlijk, anderzijds door het knappe, kwaliteitsvolle interieur. Una bella Machina!
+ Karakter / Rafiinement dat je elders niet krijgt
+ Romige, zuinige dieselkrachtbron
+ Algemeen Comfort
- Geen 5-deursvariant
- Weinig Dynamisch rijgedrag.
- Prijs kan hoog oplopen
Met dank aan
Buga Ital Auto
Cedric Dervoigne
11/09/2005
