Meestal vinden Formule 1-piloten gewone straatauto’s te braaf, vergeleken met hun racemachines. In 1994 koos Michaël Schumacher echter voor een opvallend gele straatauto…

Francois Piette
22/01/2018

In 1987 blies een zekere Romano Artioli het beroemde Bugatti nieuw leven in, dat sinds 1952 niet meer actief was. De Italiaanse zakenman beloofde een rooskleurige toekomst en een gigantische fabriek. Het doel? De beste auto ter wereld bouwen.

Technologiefestival

Op 15 september 1991 presenteerde Artioli in het kasteel van Versailles zijn nieuwe auto. De specificaties: een 3,5 liter grote V12, vier turbo’s, 560 pk, een manuele zesversnellingsbak en vierwielaandrijving. Enkele maanden later volgde de SS-versie (Super Sport), die dankzij koolstofvezel en aluminium lichter woog en die 610 pk produceerde.

Schumi

In 1994 zag de auto zijn reputatie toenemen toen de rijzende ster in de Formule 1, Michaël Schumacher, zijn exemplaar in ontvangst nam. Het gele exemplaar was de enige SS die het comfortabelere interieur van de GT kreeg. Schumi hield hem amper een jaar bij. Op het circuit van Paul Ricard lieten de remmen op het einde van de rechte lijn het namelijk afweten en belandde hij in de grindbak. Daarna stond de Bugatti snel te koop.

In 2010 opnieuw opgedoken

In 2010 zette een Europeaan de auto te koop. Er stonden ongeveer 4.600 kilometer op de teller en de Bugatti bevond zich in nieuwstaat. Hij vroeg er toen € 600.000 voor, het dubbele van zijn nieuwprijs destijds.

Je gebruikt een oude versie van Internet Explorer. Upgrade ajb naar een nieuwere versie.
Je gebruikt een oude versie van Safari en/of iOS. Upgrade ajb naar een nieuwere versie.
;