Range Rover Evoque, Range Rover Sport en de grote Range Rover. Ontbreekt er nog wat? Precies, dat vond Land Rover ook. Enter de Velar, die het gat tussen de Evoque en Sport komt dichtrijden. Tijd voor een testrit met de krachtigste diesel.

Wim Bervoets
08/02/2018
3,6
VROOM score
4
4
3,5
2,5
3,5
4
3,5
4

Voor- en nadelen

  • Aantrekkelijk design
  • Koppelrijke D300
  • Rijcomfort
  • Uitstekende automaat
  • Beenruimte achterin wat beperkt
  • Ergonomie vergt gewenning
  • Hoog gewicht
  • Stevig prijskaartje

Wie wil weten waar de naam vandaan komt: van het Latijnse “velare” (“bedekken”). Velar is de naam die werd gegeven aan de eerste preproductiemodellen van de originele Range Rover uit 1969. Waarom zo gewichtig? Omdat het volgens de Britten om de belangrijkste Range Rover in jaren gaat. Wij houden het liever op de belangrijkste Range Rover sinds de Evoque: de Velar beklemtoont nog maar eens dat “Range Rover” niet langer een model is, maar een heus gamma.

De tekentafel

Vertrekken doet de Velar van een vertrouwd platform: het aluminium Jaguar-iQ-platform waar de F-Pace zich op schoeit. Dat levert vooral een gewichtsbesparing op tegenover de Range Rover Sport – die weliswaar al enkele jaren langer meedraait – al werpt deze D300 toch nog minstens 1.959 kilogram in de schaal. Het verschil in lengte tussen de Range Rover Sport en deze Velar is dan weer verwaarloosbaar: met 4,80 meter leunt de Velar duidelijker aan tegen de 5 centimeter langere Sport dan tegen de kleinere Evoque.

Op de foto lijkt de nieuwe Range Rover er uit te zien als een atletischere conceptversie van de Range Rover Sport, maar in werkelijkheid oogt hij anders: de Velar is lager, smaller en slanker, en wisselt de barokke Range Rover-lijnen af met gladde, haast minimalistische vlakken. De voor- en achterkant zetten de familiebanden in de verf, en het profiel met verzonken deurgrepen is om van te smullen. Ondanks het platform dat hij met de F-Pace deelt, kiest de Velar overduidelijk voor de Range Rover-familie. Wel heeft hij met de telg uit de Jaguar-clan gemeen dat het design staat of valt met de juiste velggrootte. Die heeft ook een keerzijde, maar daar komen we meteen op terug.

Wie vertrouwd is met de Range Rover Sport herkent het somptueuze interieur, maar krijgt in de Velar bijna met een revolutie te maken. De jongste telg surft integraal mee op de digitale golf. Op de middenconsole prijken twee schermen: het bovenste voor telefoon, multimedia en navigatie, het onderste voor de rijmodi en de klimaatregeling. De weinige knoppen die nog overblijven, krijgen een verschillende functie wanneer je de klimaatregeling of rijmodus aanpast. Verder is het instrumentenpaneel digitaal, en bedienbaar met gevoelige touchpads op het stuur. Het hele systeem vergt wat gewenning, maar oogt wel gelikt.

De testbank

Onze testwagen was een D300, nieuwe Land Rover-taal voor een 300 pk sterke dieselmotor. De zelfontbrander is 3 liter groot en telt zes cilinders, en zet vanaf 1.500 tpm een indrukwekkende 700 Nm klaar. Standaard gekoppeld aan een achttrapsautomaat zorgt dat voor een sprint naar 100 km/u in 6,5 seconden en een topsnelheid van 241 km/u.

Hoewel de meeste krachtbronnen in de nieuwkomer viercilinders zijn, zit deze zespitter de Velar als gegoten. De zelfontbrander is soepel, krachtig en romig, en speelt vlekkeloos samen met de automaat. Trillingen en storende geluiden worden keurig weggefilterd in het interieur, en ook hoger in de toeren wordt de – niet eens onaangename – klank van de zescilinder mooi geïsoleerd.

Met de Velar wil Land Rover ook een dynamisch product afleveren, en vergeleken met de grotere en loggere Range Rover en Range Rover Sport zijn de Britten daar in geslaagd. Maar verwacht geen Jaguar F-Pace: de Velar rijdt gewatteerder, het stuur vertelt te weinig over wat de wielen doen en de Range blijft vooral geënt op comfort. Ook het gewicht loert nooit echt ver om de hoek. Dat comfort heeft hij dankzij zijn luchtvering dan weer helemaal voor elkaar. Tenzij je de 22-duimers van onze “First Edition” kiest: die ogen heel mooi, maar telefoneren oneffenheden te sterk door.

De gadgets

Het mooie gesplitste infotainmentsysteem is standaard, en kan naar believen verder uitgebreid worden: met een Meridian-geluidsinstallatie (tot 1.600 watt), digitale radio, een wifi-hotspot en een tv-functie. Apple CarPlay en Android Auto vind je echter niet terug, omdat Land Rover zijn eigen equivalent aanbiedt: InControl Apps.

Op het veiligheidsfront noteren we de klassiekers: een adaptieve snelheidsregelaar, rijstrookassistentie en een vermoeidheidsherkenning, net als een uitgebreide parkeerassistent, een waarschuwing voor kruisend verkeer achter de auto, een dodehoekwaarschuwing, verkeersbordherkenning en een hele resem camera’s. Een echte fileassistent vinden we vooralsnog niet terug.

De rekening

De Range Rover Velar begint vanaf € 57.300, de D300 vind je in de catalogus terug vanaf € 67.500. Dan is je Velar in de basisversie correct uitgerust, maar voor de meer aangeklede versies loopt het prijskaartje op – tot € 109.900 voor de hyperluxueuze beperkte reeks “First Edition”. Stevige prijzen dus, waarmee de Velar zich op hetzelfde niveau tilt als de grotere Range Rover Sport.

Voor de D300 geeft Land Rover een gemiddeld verbruik op van 6,4 l/100 km. Na een week testrijden met een mengeling tussen stads- en snelwegverkeer noteerden wij 9,0 l/100 km op de boordcomputer. De CO2-uitstoot ligt ten slotte op 167 g/km.

Het verdict

De Range Rover Velar is een sexy gelijnde SUV, die op papier de kloof tussen de Range Rover Evoque en Sport overbrugt. In de praktijk houdt hij qua filosofie het midden tussen een Jaguar F-Pace en diezelfde Range Rover Sport: atletischer en dynamischer dan de Sport maar luxueuzer en comfortabeler dan de F-Pace. De D300 is fiscaal niet de meest interessante dieselmotor, maar past wel helemaal bij het karakter van een Range Rover. Net als het prijskaartje.

Je gebruikt een oude versie van Internet Explorer. Upgrade ajb naar een nieuwere versie.
Je gebruikt een oude versie van Safari en/of iOS. Upgrade ajb naar een nieuwere versie.