Het Italiaanse merk is als een kat met negen levens. Nog geen vijf jaar geleden zou je Alfa nauwelijks overlevingskansen toebedeeld hebben. Vandaag zijn de Italianen helemaal terug. Dankzij een sedan en een broodnodige SUV: de Stelvio.

Wim Bervoets
09/01/2018
3,4
VROOM score
4
3,5
3
3,5
4
3
3
3,5

Voor- en nadelen

  • Aantrekkelijk design
  • Direct stuur
  • Dynamisch weggedrag
  • Interieurruimte
  • Koppelrijke motor
  • Aarzelingen automaat bij lage snelheden
  • Enkele afwerkingsdetails
  • Ergonomie multimediasysteem
  • Schurende banden bij manoeuvres
  • Uitrusting tegenover concurrentie

Als we zeggen dat SUV’s populairder zijn dan ooit, dan trappen we natuurlijk een open deur in. Maar Alfa Romeo zou geen Italiaans merk zijn als het zijn SUV niet met een blikvanger van formaat lanceerde: als spectaculaire Quadrifoglio, met 510 pk uit een 2.9 V6 biturbo van Ferrari-makelij de snelste SUV op de Nürburgring.

Net als de Giulia dus, maar net als die berline is ook de Stelvio vooral verkrijgbaar met meer plebejische motoren. Dat is geen toeval: de Giulia en de Stelvio delen hetzelfde platform. Dat heet “Giorgio” en drijft de achterwielen aan. In de Q4-versies gaat het vermogen naar de vier wielen.

Motoraanbod

Laat je de Quadrifoglio even buiten beschouwing, dan biedt Alfa Romeo twee benzinemotoren aan in zijn Stelvio: een 2.0 viercilinder turbobenzine in twee vermogensversies, 200 en 280 pk. Beide motoren beschikken standaard over vierwielaandrijving en komen met een achttrapsautomaat.

Het dieselaanbod is iets uitgebreider: de 2.2 viercilinder is er als basisversie met 150 pk en achterwielaandrijving. De versie met 180 pk stip je naar keuze met achter- of vierwielaandrijving aan, terwijl de topversie, met 210 pk, standaard met vierwielaandrijving komt. Ook hier valt er geen manuele versnellingsbak te bespeuren.

Design

Een opvallende jongen, deze Stelvio. In profiel lijkt hij wat weg te hebben van die andere Italiaanse SUV, de Maserati Levante, zeker met de schuin aflopende daklijn en forse derrière, maar die gebruikt een ander platform en andere motoren. De voorkant straalt dan weer de nieuwe Alfa-designtaal uit, met het klassieke driehoekige radiatorrooster en strakke led-koplampen.

Binnenin zien we dan weer duidelijk de familiebanden met de Giulia: het horizontale dashboard met – verrassend klein – infotainmentscherm, de twee analoge tellers op het instrumentenpaneel en het driehoekige sportstuur met schakelpeddels die vast op de stuurkolom gemonteerd staan. Het oogt allemaal netjes en voelt kwalitatief aan, maar mist net de aansluiting met het premiumniveau.

Ergonomie

Het plaatsaanbod in de Stelvio is aan de gulle kant: zowel vooraan als achteraan is er voldoende ruimte voor twee volwassenen, en ondanks de aflopende daklijn is de hoofdruimte achteraan voldoende – zeker naar Italiaanse normen. Met 525 liter is er ook voldoende kofferruimte, die klassiek moduleerbaar is: met een 1/3-2/3-neerklapbare achterbank voor een vlakke laadvloer, en een standaard elektrische achterklep.

Italianen hoef je niet te leren hoe je bedieningsorganen moet plaatsen, laat staan hoe je ze moet afstellen. Het stuur ligt dus perfect in de hand, net als de versnellingspook van de automaat. Het infotainmentsysteem bedien je vlot met de draaiknop op de middenconsole, maar de opbouw en indeling van de menu’s mocht wat logischer.

Rijgedrag

Onze testversie was de 210 pk sterke zelfontbrander, die in een stevige 6,6 seconden naar 100 km/u accelereert en een topsnelheid bereikt van 215 km/u. Het dieselblok klinkt door in het interieur, maar gaat nooit echt storen en wordt minder bij stabiele snelheden. Dankzij 470 Nm is de Stelvio koppelrijk onderin de toeren, en de automaat laveert vlot door de verzetten.

Bij tragere snelheden wil diezelfde automaat wel eens twijfelen, en blijken de 20-duimsvelgen iets te groot, hoe mooi ze ook ogen. Het rijcomfort springt niet uit de band, maar blijft behoorlijk. Dynamisch blinkt de Stelvio dan weer wel uit: de voorwielen reageren direct en precies op je input aan het stuur, het koetswerk blijft onder controle, en het chassis reageert met tonnen grip. Duw je echt door, dan laat de Alfa merken dat je met een hoge auto en een aanzienlijk gewicht speelt.

Prijzen

Instappen doe je in de Alfa Romeo Stelvio vanaf € 39.550. Dan vertrek je met de basisdiesel, de 2.2 van 150 pk. Het ruimste aanbod vind je in de uitrustingsversie “Super”, die vanaf € 41.750 begint voor dezelfde basisdiesel. Onze 210 pk sterke zelfontbrander kost € 48.350.

Standaard komt de Stelvio onder meer met een automatische klimaatregeling met twee zones, een licht- en regensensor, een elektrische kofferklep, een rijstrookwaarschuwing en adaptieve koplampen. Opleggen doe je bijvoorbeeld voor een panoramisch dak, een adaptieve snelheidsregelaar, de schakelpeddels en navigatie. Vooral technologisch en op vlak van rijhulp heeft Alfa nog wat achterstand in te halen.

Voor de 2.2 diesel met 210 pk geeft Alfa Romeo een gemiddeld verbruik op van 4,8 l/100 km en een CO2-uitstoot van 127 g/km. Wij noteerden op het einde van onze testweek een gemiddelde van 8,1 l/100 km, al reden we die week vooral korte afstanden. Met wat meer snelwegverkeer in de mix moet dat cijfer richting 7 l/100 km te krijgen zijn.

Besluit

We zeiden hetzelfde van de Giulia, maar de Stelvio is een belangrijk model voor Alfa Romeo. Het Duitse premiumniveau haalt hij niet, maar de Alfa countert met Italiaanse charme. Merkadepten overtuigt hij gegarandeerd door zijn sportieve rijgedrag, en zijn looks zullen ook klanten doen zwichten. De 2.2 met 210 pk is niet de stilste, maar een verrassend sportieve motor.

Je gebruikt een oude versie van Internet Explorer. Upgrade ajb naar een nieuwere versie.
Je gebruikt een oude versie van Safari en/of iOS. Upgrade ajb naar een nieuwere versie.