Audi kiest tegenwoordig ook bij RS voor plug-inhybridetechniek om modellen met een verbrandingsmotor in leven te houden. De RS 5 is daarbij de eerste Audi RS met een stekker. Toen de nieuwe RS 5 Avant onze redactie passeerde, konden we dan ook niet aan de verleiding weerstaan om hem tegenover de referentie in zijn segment te zetten: de BMW M3 Touring, een pure benzinedrinker zonder extra batterij.
Design: winst voor de Audi RS 5 Avant
Over smaken en kleuren valt weinig te discussiëren. Maar wij hebben wel degelijk een – weliswaar subjectieve – mening klaar. Als we het puur over design hebben, trekt de Audi hier aan het langste eind. En dat heeft hij niet eens aan de enorme nieren van de BMW te danken. Daar zijn we intussen aan gewend en in combinatie met het ‘juiste’ kleurenschema heeft die imposante grille zelfs iets charismatisch.
Het is met name de manier waarop Audi de RS 5 extra spierballen gaf die voor ons doorslaggevend is. Beide zijn natuurlijk flink breder dan de gewone A5 en 3 Reeks Touring – de BMW kreeg er 76 mm bij, de Audi zelfs bijna 9 cm – maar de RS 5 maakt met zijn nog sterker uitgebouwde wielkasten en uitgesproken schouderpartij visueel net wat meer indruk. Ook de lichttechniek oogt moderner, met configureerbare lichtsignaturen en digitale OLED-achterlichten. Al verkiezen we eerlijk gezegd wel de discretere uitlaat van de BMW boven de enorme straalpijpen van de RS 5...



Praktisch: winst voor de BMW M3 Touring
Voor we het rijgedrag van beide modellen aan elkaar toetsen, is het eerst tijd voor een kofferinspectie. Wie een snelle break van dit kaliber kiest die allesbehalve goedkoop is – waarover straks meer – wil immers ook af en toe iets kunnen meenemen dat niet in een berline of coupé past. Die vergelijking wint de BMW M3 Touring.
Dat heeft voor een groot deel te maken met de plug-inhybride aandrijflijn van de Audi. De batterij van 25,9 kWh en alle bijbehorende techniek nemen nu eenmaal plaats in, al heeft Audi ze behoorlijk slim weggewerkt. De RS 5 Avant vermijdt zo de sterk verhoogde koffervloer van de concurrerende Mercedes-AMG C 63 S E Performance Break, waar de batterij een duidelijke bult in de laadruimte veroorzaakt. Helemaal zonder gevolgen blijft de elektrificatie echter niet: tegenover de 476 liter van een gewone A5 Avant houdt de RS 5 nog 361 liter over.
De BMW M3 Touring doet het met 500 liter beduidend beter. Bovendien is hij bijna 10 cm korter dan de Audi: 4.801 tegenover 4.896 mm. Ook handig is de afzonderlijk te openen achterruit.



Interieur: winst voor de BMW, tenzij je een technologiefreak bent
Bij een eerste blik in het interieur springt vooral de break uit Ingolstadt in het oog. De recentere cockpit oogt moderner en laat die van de M3 Touring dan ook wat gedateerder lijken. Bovendien krijgt de voorpassagier in de RS 5 een afzonderlijk scherm, iets wat BMW niet aanbiedt. Zouden we uitsluitend naar infotainment kijken, dan kwam de Audi hier als eerste uit de bus.

In de praktijk maakt de BMW echter met enkele details het verschil, vooral tijdens sportief rijden. Zo heeft hij nog een echte versnellingspook, waarmee je in manuele modus gemakkelijker kunt ingrijpen wanneer het stuur gedraaid staat. De Audi laat je uitsluitend schakelen met peddels achter het stuur.
Ook maken de M1- en M2-knoppen het mogelijk om snel tussen vooraf ingestelde configuraties te wisselen. Bij de Audi moet je met de RS-knop door de verschillende rijmodi bladeren. De leukste modus, RS Torque Rear, zit daar bovendien niet tussen: daarvoor moet je eerst een apart menu op het centrale scherm openen.
Ten slotte voelt het interieur van de BMW over het algemeen wat degelijker afgewerkt aan. Minder verfijnd en minder uitgebreid personaliseerbaar dan dat van de Audi, maar wel een tikkeltje solider.

Prestaties: gelijkspel, en toch...
Wat pure prestaties betreft, houden onze twee kandidaten elkaar perfect in evenwicht. Zowel de BMW M3 Competition M xDrive Touring als de Audi RS 5 Avant quattro sprint van 0 naar 100 km/u in 3,6 seconden.
De manier waarop ze die prestaties neerzetten, verschilt wel sterk. De Audi combineert een elektromotor van 130 kW (177 pk) met een 2,9 liter-V6 biturbo van 375 kW (510 pk), goed voor een systeemvermogen van 470 kW (639 pk). De M3 Touring moet het met 'slechts' 390 kW (530 pk) uit zijn 3 liter-zes-in-lijn biturbo stellen, maar compenseert dat vermogensverschil ruimschoots met zijn lagere gewicht. De BMW is ongeveer 500 kg lichter, waardoor beide breaks in rechte lijn uiteindelijk nauwelijks voor elkaar moeten onderdoen.
Op papier dus gelijkspel. Qua beleving heeft de zes-in-lijn van BMW echter duidelijk meer karakter wanneer je hem stevig op zijn staart trapt. Zijn reacties zijn directer, hij trekt gretiger door en klinkt overtuigender. De V6 van de Audi voelt zich minder thuis hoog in de toeren en klinkt ondanks de actieve uitlaat minder meeslepend.
De elektrische boost doet wel wat hij moet doen. De RS 5 accelereert bijzonder hard, alleen brengt hij die snelheid minder spectaculair over.


Op papier dus gelijkspel. Qua beleving heeft de zes-in-lijn van BMW echter duidelijk meer karakter wanneer je hem stevig op zijn staart trapt. Zijn reacties zijn directer, hij trekt gretiger door en klinkt overtuigender. De V6 van de Audi voelt zich minder thuis hoog in de toeren en klinkt ondanks de actieve uitlaat minder meeslepend.
De elektrische boost doet wel wat hij moet doen. De RS 5 accelereert bijzonder hard, alleen brengt hij die snelheid minder spectaculair over.

Sportief rijplezier: winst voor de BMW M3 Touring
En daarmee komen we bij de kern van de vergelijking. Op papier liggen ze dus dicht bij elkaar, maar zodra het op puur rijplezier aankomt, is de BMW duidelijk koning van deze test. De Audi blijft weliswaar indrukwekkend dankzij de efficiënte afstelling van zijn aandrijflijn en het nieuwe quattro-systeem met Dynamic Torque Control. Ook de enorme koolstofkeramische remmen weten raad met zijn bijna 2,5 ton. Maar wie vooral voor het rijden zelf komt, zal sneller vallen voor de M3 Competition M xDrive Touring. De Beier voelt scherper en levendiger aan, maar vraagt tegelijk meer van zijn bestuurder. Om er echt alles uit te halen, moet je harder werken.
De Audi RS 5 Avant maakt het dan weer veel gemakkelijker om in een rotvaart van A naar B te gaan. Welk tempo je ook aanhoudt, hij voelt altijd toegankelijk en vertrouwenwekkend aan. Zelfs wanneer je hem in RS Torque Rear laat uitbreken, blijft hij relatief eenvoudig onder controle.
Bij de BMW gebeurt het omgekeerde: hoe radicaler je de instellingen maakt, hoe meer concentratie hij vraagt. Dat maakt hem intimiderender, maar tegelijk ook bevredigender wanneer je hem echt tot het uiterste weet te drijven.


Dagelijks gebruik: winst voor de Audi RS 5 Avant
Waar de BMW vooral tijdens zeer sportief rijden overtuigt, haalt de Audi punten met zijn grotere veelzijdigheid. In de comfortmodus gedraagt hij zich bijna als een conventionele premiumbreak.
Vooral de nieuwe dempers met twee afzonderlijke kleppen maken indruk. Op slecht wegdek blijft de RS 5 opvallend vrij van trillingen en gestuiter. De BMW blijft altijd wat harder en minder beschaafd. Je voelt duidelijker dat er onder de oppervlakte voortdurend een sportwagen klaarstaat.
Ook de plug-inhybride aandrijflijn helpt de Audi in het dagelijkse verkeer. Je kunt rustig en volledig elektrisch door de file rijden. Tenslotte krijg je niet elke dag een verlaten rallyproef voorgeschoteld.

Prijs: winst voor de Audi RS 5 Avant
De Audi RS 5 Avant kost minstens 111.350 euro. Daarmee zit hij vrijwel exact op het niveau van de BMW M3 Competition M xDrive Touring, die vanaf 111.550 euro verkrijgbaar is.
We zouden het dus op een gelijkspel kunnen houden en niet moeilijk doen over een paar honderd euro. In de praktijk speelt de veel lagere officiële CO2-uitstoot van de Audi echter in het voordeel van de plug-inhybride, onder meer voor het voordeel van alle aard en de CO2-solidariteitsbijdrage.
Daar staat tegenover dat de RS 5 Avant met opties veel sneller duur wordt. Ons testexemplaar kostte uiteindelijk 151.080 euro, terwijl onze BMW M3 Touring Competition inclusief opties op 125.980 euro uitkwam.
Ten slotte heeft de Audi qua verbruik meer potentieel. Tijdens onze bijzonder sportieve testrit was het verschil verwaarloosbaar: de boordcomputer van de RS 5 gaf gemiddeld 31,9 l/100 km aan, tegenover 32,8 l/100 km in de BMW. Bij rustig dagelijks gebruik daarentegen verandert het verhaal. Op hetzelfde traject noteerden we met de Audi in hybridemodus 6,6 l/100 km, waarbij het batterijniveau van 49 naar 24 procent zakte. De BMW verbruikte op datzelfde traject 9,5 l/100 km.



Verdict: winst voor de Audi RS 5 Avant, maar...
Veel verrassing zit er uiteindelijk niet in onze conclusie. Wie in de eerste plaats een echte sportwagen met een grote koffer zoekt, zal bijzonder gelukkig worden van de BMW M3 Touring. Het blijft dé sportbreak voor wie rijplezier centraal stelt: zijn zes-in-lijn maakt indruk wanneer je hem uitdaagt, terwijl het onderstel je als bestuurder echt bij de les houdt. Bovendien zou deze generatie weleens een toekomstige klassieker kunnen worden, als een van de laatste vertegenwoordigers van een soort die langzaam maar zeker verdwijnt.
De Audi RS 5 Avant richt zich meer op wie een comfortabele premiumwagen zoekt die indien gewenst ook supersnel kan zijn. Hij is makkelijker in de omgang in het dagelijkse verkeer, comfortabeler en dankzij de plug-inhybride aandrijflijn gunstiger wat verbruik en CO2-gerelateerde kosten betreft.
Wie rijplezier echter als topprioriteit heeft, kan gewoonweg niet om de BMW heen. Wie een snelle break zoekt die ook elke dag zonder veel compromissen inzetbaar is, vindt in de Audi het completere totaalpakket.














