Hogere boetes voor élke overtreding
Een kleine snelheidsovertreding, gsm-gebruik achter het stuur, rijden onder invloed… Alle boetes gaan 10 procent de hoogte in. Concreet kost een overtreding van de eerste graad — zoals een lichte snelheidsovertreding of het niet dragen van de gordel — voortaan 64 euro in plaats van 58 euro. Een overtreding van de tweede graad gaat van 116 naar 128 euro en een overtreding van de derde graad, zoals je smartphone gebruiken tijdens het rijden, van 174 naar 191 euro. Bovenop deze bedragen wordt bovendien een extra administratieve kost van ongeveer 10 euro verrekend.

Wie dronken rijdt, is gewaarschuwd…
Ook rijden onder invloed wordt dus strenger aangepakt sinds 1 juli 2026. Bestuurders met een alcoholconcentratie tussen 0,22 en 0,34 mg/l uitgeademde alveolaire lucht betalen nu 197 euro in plaats van 179 euro. Bij een waarde tussen 0,35 en 0,44 mg/l stijgt de boete naar 462 euro (tegenover 420 euro), en tussen 0,45 en 0,50 mg/l loopt dat bedrag op tot 636 euro in plaats van 578 euro.

Twee vliegen in één klap
Met de zoveelste verhoging van de boetetarieven heeft de overheid een duidelijk dubbel doel voor ogen, want naast de verbetering van de verkeersveiligheid wil men ook extra inkomsten genereren voor de staatskas.
Voor vorig jaar is er sprake van bijna 600 miljoen euro aan boete-inkomsten, opbrengsten die enerzijds naar het Verkeersveiligheidsfonds gaan en anderzijds worden verdeeld over de verschillende politie- en justitiediensten.
De politie stelt trouwens ook steeds meer processen-verbaal op die met het verkeer te maken hebben. Vorig jaar werden meer dan 10 miljoen verkeersovertredingen vastgesteld, goed voor gemiddeld zo’n 27.000 boetes per dag.












