Met de komst van de nieuwe Corsa GSE slaat Opel een nieuw hoofdstuk open in de geschiedenis van zijn sportieve stadswagen. Voor het eerst kiest de krachtigste uitvoering definitief voor een volledig elektrische aandrijflijn en verdwijnt de verbrandingsmotor. Meteen ook het ideale moment om terug te blikken op zes generaties sportieve Corsa's, waarvan het vermogen groeide van 100 naar 281 pk. Al ging die evolutie ook gepaard met een bijna verdubbeling van het gewicht: van 820 naar bijna 1.600 kilogram.

1. Corsa A GSi (1988): 100 pk
Hier begon het allemaal mee. De eerste Corsa GSi verscheen in 1988 en zette vooral in op een laag gewicht. Met amper 820 kilogram en een motor van 100 pk legde hij de basis voor een recept dat een hele generatie liefhebbers zou aanspreken: een eenvoudige, hoekige en lichte stadswagen die vooral ontzettend veel rijplezier bood. Dankzij zijn specifieke spatbordverbreders, sportzetels en een topsnelheid van 188 km/u liet hij meteen zien dat hij meer was dan een gewone Corsa.

2. Corsa B GSi 16v (1993): 109 pk
De tweede generatie blijft de GSi-naam dragen en krijgt er enkele extra pk's bij. De 1,6-liter zestienklepper levert voortaan 109 pk. Hoewel het model iets zwaarder wordt, blijft de sprint naar 100 km/u identiek aan die van zijn voorganger: 9,5 seconden. De topsnelheid stijgt wel licht tot 195 km/u. Tegelijk wordt de Corsa moderner en beter uitgerust, en maakt het hoekige design plaats voor duidelijk rondere vormen.

3. Corsa C GSi (2000): 125 pk
Met de Corsa C zet Opel opnieuw een stap vooruit. De motor groeit naar 1,8 liter en produceert voortaan 125 pk. Dankzij een topsnelheid van 202 km/u is dit de eerste productie-Corsa die de symbolische grens van 200 km/u doorbreekt. Tegelijk volgt ook deze generatie de trend van de tijd: groter, comfortabeler en veiliger, maar daardoor ook zwaarder. Hij zit weliswaar een halve seconde sneller aan 100 dan zijn voorgangers.

4. Corsa D OPC (2007): 192 pk / 210 pk
Met de vierde generatie gooit Opel het over een andere boeg. De GSi-naam verdwijnt en maakt plaats voor OPC. De cilinderinhoud keert terug naar 1,6 liter, maar dankzij een turbo komt de Corsa plots gevaarlijk dicht in de buurt van de grens van 200 pk. De 1.6 Turbo levert aanvankelijk 192 pk en verandert de brave stadswagen in een serieuze hot hatch, al had de vooras soms moeite om al dat vermogen efficiënt op het asfalt te krijgen.
Daar bleef het niet bij. In 2010 volgde de Corsa D OPC Nürburgring Edition met 210 pk. Daarmee werd het de eerste productie-Corsa met meer dan 200 paarden in stal. De prestaties lagen plots in een compleet andere categorie dan die van de atmosferische GSi's: 0 naar 100 km/u in 6,8 seconden en een topsnelheid van 230 km/u.

5. Corsa E OPC (2015): 207 pk
De Corsa E OPC, gelanceerd in 2015, krijgt iets meer vermogen dan zijn voorganger, maar kan niet tippen aan de Nürburgring Edition. De 1.6 Turbo belooft 207 pk en maakt van deze generatie de laatste OPC uit de geschiedenis van de Corsa. Nieuw is de ophanging met Frequency Selective Damping, die het comfort en de wegligging moet verbeteren. Met een lengte van minder dan vier meter blijft het bovendien een compacte auto. Een die nog altijd probleemloos 230 km/u haalt.

6. Corsa F GSE (2026): 281 pk
Met de Corsa F GSE neemt Opel definitief afscheid van de verbrandingsmotor. De sportiefste Corsa ooit rijdt voortaan volledig elektrisch, wat ook de prestaties grondig verandert. Zo ligt de topsnelheid met 180 km/u lager dan die van de allereerste Corsa A GSi uit 1988.
Daar staat tegenover dat de elektromotor 207 kW of 281 pk levert, samen met 345 Nm koppel. Daardoor zoeft de nieuwe Corsa GSE in slechts 5,5 seconden van 0 naar 100 km/u, waarmee hij veruit de snelste Corsa ooit is. Dankzij een verhouding van 181 pk per ton weet hij bovendien de impact van zijn bijna verdubbelde gewicht grotendeels te compenseren. Ter vergelijking: de oorspronkelijke Corsa A GSi kwam met zijn 100 pk en 820 kilogram uit op ongeveer 122 pk per ton.















